Ciska ruilde na 44 jaar Almere in voor een Hongaars dorp
In deze 1Almere-weekendbrief lees je nog vóór publicatie een interview met een Almeerder die naar het buitenland is vertrokken.
Na 44 jaar Almere vindt Ciska in Hongarije wat ze in Nederland mist
Na 44 jaar Almere besloot Ciska Frikken-Coerman (67) het roer om te gooien. Vier jaar geleden verruilde ze samen met haar man Rob (69) hun vertrouwde leven in de stad voor het Hongaarse dorp Somogyhatvan, op zo’n veertig kilometer van Pécs. Niet op zoek naar avontuur, maar naar iets wat ze in Nederland waren kwijtgeraakt: een gevoel van saamhorigheid. “Hier staan de deuren altijd open. Iedereen zegt elkaar gedag.”
Ciska en Rob behoorden tot de allereerste bewoners van Almere. Gedreven door de woningnood verhuisden ze in 1978 vanuit Amsterdam naar de gloednieuwe stad. Ze gingen wonen op de Stadswerf, een van de oudste buurten van Almere. “We zaten bij de eerste vijfhonderd mensen. Het was pionieren, maar we hebben er altijd met veel plezier gewoond”, vertelt ze.
Almere groeide snel. Toen de stad in 1984 een zelfstandige gemeente werd, volgden de eerste mijlpalen elkaar in rap tempo op. “Het was wachten op het eerste bruidspaar en de eerste baby. Dat werd onze jongste zoon.”
Toch veranderde de sfeer in de stad door de jaren heen. “In het begin was er veel saamhorigheid. Mensen stonden voor elkaar klaar. Later werd het toch meer ieder voor zich, net zoals in de rest van Nederland. De lage heggen of hekken rondom de huizen maakten plaats voor hoge schuttingen.”
Die verandering zette haar aan het denken. Het echtpaar kende Hongarije al goed: begin jaren negentig kwamen ze er voor het eerst. “Voor een jong gezin was het een eldorado. Je kon er voor twintig gulden uitgebreid eten en de huizen kostten bijna niks.”
In 2007 kochten ze dan ook een oude boerderij als vakantiewoning, gelegen op een halve hectare grond met uitzicht over een vismeer. “We zijn echt voor de locatie gevallen. Soms waren we er maar een week per jaar, maar de buren hielden altijd een oogje in het zeil. Die mensen zijn goud waard.”
In 2022 besloten ze er permanent te gaan wonen. “Eigenlijk wilden we pas na ons pensioen verhuizen, maar dat hebben we naar voren getrokken.” Inmiddels is het huis helemaal opgeknapt om er het hele jaar door te kunnen verblijven.
Maar het is vooral de manier van leven die hen aanspreekt. “We hebben in Hongarije gevonden wat we misten in Nederland.” Een voorbeeld is de gastvrijheid van de mensen. “Vroeger kookte oma altijd wat extra, omdat ze nooit wist wie er mee zou eten. Hier gebeurt dat nog steeds.”
Ook het dagelijkse tempo ligt lager. “De Hongaren doen alles op hun gemak. Als je om tien uur afspreekt, kan het ook zomaar twee uur worden. Daar moesten wij even aan wennen.
”Hongarije is volgens Ciska allang niet meer het primitieve land dat velen zich voorstellen. “Het is juist heel modern. Alle voorzieningen zijn aanwezig, van goede zorg tot openbaar vervoer. Alleen de gebouwen zijn soms wat minder mooi.”
De taal blijft een uitdaging. “We doen ons best om zo veel mogelijk Hongaars te spreken, maar het valt niet mee. Met handen en voeten en een beetje hulp van de buren komen we een heel eind. Zij praten langzamer en verbeteren ons als we fouten maken.” Gelukkig spreken steeds meer mensen ook Duits of Engels, en de tandarts heeft zelfs Nederlands geleerd.
Ciska en haar man zijn namelijk niet de enigen uit Nederland. “Alleen al in ons dorp wonen een stuk of zes Nederlanders. Met boodschappen doen loop ik altijd wel iemand tegen het lijf.” Toch hebben ze vooral contact met de Hongaren. “Daar kwamen we voor.”
Hoewel ze hun draai duidelijk hebben gevonden, is er ook een keerzijde. “Ik mis mijn moeder en mijn kinderen. Die zie ik niet zo vaak als ik zou willen.” Kleinkinderen hebben ze niet. “Dat maakte de keuze makkelijker. Anders waren we waarschijnlijk niet geëmigreerd.”
Overwinteren
Onlangs kochten ze ook een appartement in Spanje om aan de kou te ontsnappen. “We waren gewaarschuwd voor de strenge winters in Hongarije, maar dat valt eigenlijk best mee. Het is een beetje vergelijkbaar met Nederland. Desondanks is de temperatuur in Spanje veel aangenamer.”
In mei gaan ze met de caravan naar Amsterdam om familie te bezoeken, maar hun hart ligt in Hongarije. “We zouden niet meer terug willen”, zegt Ciska. “Het is hier goed toeven. Ik kan niet anders zeggen.”




